Welkom op de blog "Geloof en Spiritualiteit".
Neem zeker eens een kijkje in het blogarchief!

Dit is de komende tekst:
- De polemiek van de Passie (28-29 maart 2026).

22 januari 2026

Het Koninkrijk is nabij! (24-25 januari 2026)

We zijn aan het begin van de gewone zondagen in het liturgisch jaar.  En nu al refereert Jezus naar de eindtijd. De evangelielezing is niet onbezonnen uitgekozen. De evangelist Matteüs heeft een theologische stamboom uitgeschreven, daarna de geboorte van Jezus en vervolgens het optreden van Johannes de Doper. Nu beschrijft Matteüs de aanvang van Jezus' verkondiging op aarde: met de aankondiging van het Koninkrijk. Waarom eigenlijk? Jezus heeft zichzelf amper voorgesteld of Hij verwijst al naar de eeuwigheid. Maakt deze Boodschap ons spontaan blij?

Goed Nieuws

Jezus kondigt goed Nieuws aan. De inhoud is daarom niet noodzakelijk verblijdend. De afzender is de Bron van alle vreugde. 'Het goede Nieuws' - of in een oudere vertaling: 'de blijde Boodschap' - is niet zomaar gekozen als begrip om Jezus' verkondiging samen te vatten. Boodschappen van de keizer worden in die tijd steevast als 'goed nieuws' beschouwd. Los van de inhoud is een bericht van de keizer altijd goed nieuws, precies omdat het van de keizer afkomstig is. Het moét wel goed nieuws zijn: de keizer voltrekt het heil van zijn volk. 

Welnu, Matteüs is duidelijk in dit Schriftfragment: de verkondiging van Gods Koninkrijk is 'goed Nieuws'. (in het Grieks: 'eu aggelion', Matteüs 4, 23c) De verkondiging kan verwonderen of zelfs beangstigen, maar het is een blijde Boodschap, omdat het deel uitmaakt van Gods heilsplan met zijn Volk en met de wereld. Niet de keizer brengt dus het ultieme heil, maar God. En God alleen. De ware inhoud van Gods Boodschap wordt door Jezus verkondigd aan alle mensen. Dat dit Nieuws van Godswege komt, bekrachtigt Jezus door zieken te genezen en wonderen te verrichten. In zichtbare en tastbare Liefde onthult Jezus het Gelaat van de Onzichtbare. (Matteüs 4, 23d)

In de duisternis

In de duisternis van Galilea - duister omdat die streek volgens het Volk van God te ver weg ligt van Jeruzalem - begint Jezus zijn verkondiging. Hij brengt er het Licht onder de mensen, zoals de profeet Jesaja al had aangekondigd. (Matteüs 4, 23ab en Jesaja 8, 23 en 9, 1) Waar kan het Licht beter stralen dan in het donker? De onwetendheid is voorbij: Jezus geeft onderricht in de streek van Kafarnaüm. Ze wonen niet langer in de periferie

God is daar aanwezig, in hun midden. Niet in een grootse tempel van stenen, niet bij een altaar of in een ark, maar gewoon onder hen komt de Zoon van God als Mens onderricht geven, zieken genezen en het heilsplan van God aankondigen. Zo dichtbij is God gekomen. Niet langs een stem zonder gezicht, niet in een teken of langs een profeet, maar uit de mond van de Heer zelf komt de Boodschap. Hij spreekt hen toe, Hij raakt de zieken aan. Het Licht is in  hun midden. Zouden ze het werkelijk beseffen?

Geen troon

Jezus is geen stichter van een politieke beweging. Hij is geen oppositieleider tegen de koning en de keizer. Al spreekt hij over een koninkrijk, het heeft niets te maken met een aardse troon of rijkelijk vertoon. Dit koninkrijk heeft geen landsgrenzen en het is van alle komende tijden. Jezus wijst vooruit: Hij neemt ons in zijn verkondiging mee naar de tijd dat de aarde geen woonplaats meer zal zijn. Dan mogen we onze hoop vervuld zien: God laat ons niet in de steek. 

Maar Jezus staat midden in de tijd en roept zijn volgelingen op om meteen al werk te maken van dat Rijk. Het begint al hier en nuDaarom kunnen ook wij allemaal meebouwen aan dit Rijk, elk op onze eigen manier met onze eigen talenten: door te bidden en te zingen, door te zorgen voor wie in nood is, door te streven naar vrede en gerechtigheid, noem maar op. We hebben geen uitvluchten.

En wie het goede doet maar in de tussentijd helaas toch onrecht wordt aangedaan, die mag blijven hopen. Al valt zij of hij uit de boot in de wereld, God zal deze mensen niet vergeten. De Heer hanteert heel andere maatstaven. Dat lezen we in het volgende hoofdstuk, wanneer Jezus op de berg aan de mensen de zaligsprekingen (of gelukkigprijzingen) declameert. (Matteüs 5, 1-16)

Belofte

De Boodschap van Jezus is geen gezellig nieuwsbericht. Wel is het een Boodschap die ons hoopvol mag stemmen en tegelijk wil aanzetten tot concrete actie, vandaag. We hoeven niet af te zonderen van de wereld, maar wel in de wereld streven naar de best mogelijke samenleving, waar op niemand wordt neergekeken en niemand opzij wordt geschoven, waar zorg gedragen wordt voor wie zwak is en geduld wordt geoefend met wie fouten maakt.

Tegelijk mogen we ook uitkijken naar hoop voorbij onze tijd en ruimte. Ons leven eindigt niet met een allerlaatste ademtocht. Het Leven gaat verder voorbij wat wij kunnen zien en bewijzen. De ultieme verwerkelijking van het Koninkrijk van de hemel is Gods belofte aan ons allen. Ook dat verkondigt Jezus vanaf het begin, daar in de streek van Kafarnaüm. 

Wat kunnen wij God beloven? Waar willen wij ons toe verbinden?