Welkom op de blog "Geloof en Spiritualiteit".
Neem zeker eens een kijkje in het blogarchief!

Dit is de komende tekst:
- 'Geen tijd voor je feestje' (10-11 oktober 2026).
Posts tonen met het label geschenk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geschenk. Alle posts tonen

05 maart 2024

Een wenskaartje met 'Zomaar' erop (9-10 maart 2024)

Zomaar. Niet omdat het je verjaardag is, niet omdat je een bewonderenswaardige daad hebt gesteld, niet omdat je een heldendaad hebt verricht, maar gewoon zomaar. Gratuit. Uit genade. Als een ruiker bloemen of een wenskaart, onverwacht, uit het niets: ‘Zomaar’. Zo is Gods Liefde.

Dankbaarheid

‘God heeft de wereld zodanig lief dat Hij zijn eigen Zoon heeft gegeven, opdat wie gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leeft.’ (Johannes 3, 16) We horen Jezus hier aan Nikodemus vertellen over de diepste identiteit van God: Hij is Liefde. Deze Liefde is zo anders dan de menselijke liefde, net zo anders als God is in vergelijking met een mens. Zijn Liefde is eindeloos, grenzeloos, en overstijgt het menselijke in alles. Zo onvoorstelbaar, zo onmetelijk groot is Gods Liefde dat Hij zijn eniggeboren Zoon op aarde geboren laat worden: oneindig wijs als God zelf, maar kwetsbaar als een mens. 

Jezus verkondigt Gods redding, Hij spreekt over Gods Rijk. Dat rijk begint al hier op aarde. De aarde is helaas niet zo dankbaar als men zou verwachten. Hoe goed God het ook met de mensen meent, velen onder hen zijn wispelturig, beïnvloedbaar en besluiteloos, soms ook zelfzuchtig en eigengereid. Maar de focus van God ligt in de eerste plaats op zij die wél hun hoop vestigen op Hem, zij die wél in Hem geloven. Geloof begint bij dankbaarheid. We mogen nooit vergeten om God te danken, ook wanneer we om een gunst vragen.

Begin bij jezelf

‘God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om te oordelen, maar om de wereld te redden.’ (Johannes 3, 17) Hoewel Jezus vaak heftig tekeer gaat tegen Schriftgeleerden, farizeeën en Sadduceeën, dààr ligt niet de kern van Jezus’ taak. De tempelreiniging van vorige week, hoe spectaculair ook, is niet het hoogtepunt van Jezus’ aardse bestaan. (Johannes 2, 13-22) Niet om te oordelen, komt Hij onder de mensen leven, maar om hun redding te verkondigen. (Zie ook Johannes 12, 47)

Voor elk van ons is dat een belangrijke vaststelling. Je geloof druk je niet uit in starre oordelen over anderen en strenge veroordelingen van woorden en daden, maar in het voorleven van naastenliefde en goedheid, zaken die het licht mogen zien en die schitteren in God Licht. Geloven is in de kwetsbaarheid gaan staan, en tegelijk in de wijsheid die God ons schenkt langs zijn Geest. We leven ons geloof niet voor in grootse heldendaden, maar in kleine, onderbelichte goedheid, telkens weer. Onopvallend als het zachte briesje waarin God te vinden is. (1 Koningen 19, 11-13) Kwetsbaar als onze Redder die aan het kruishout heeft gehangen.

Positief begin

Men zegt wel eens dat het Westerse denken negatief ingesteld is en dat het christendom daar een belangrijke rol in speelt. Mogelijks schuilt daar waarheid in, maar het is alleszins niet in de lijn van wat Johannes schrijft. De klemtoon ligt immers op het goede, daar begint alles. De schepping zelf begint met goedheid. (Genesis 1) Dan pas komt het weren van het kwaad in beeld. (Genesis 2) Niet omgekeerd. Het traditionele wijsvingertje hebben we dus niet zo vlug van doen, bij voorkeur zelfs helemaal niet. De eerste taak van iedere christen is een voorbeeld te zijn, de belichaming van Gods Liefde: een houding van pure authenticiteit. Dat is op zich al een levensopdracht.

Daarbij houden we ons bij voorkeur ver van verborgen vooringenomenheid. Je eerste insteek hoort zuiver positief zijn, op hoop en toekomst gericht. Goedheid mag dus geen oprijlaan zijn naar een ‘ja, maar…’. God is bovenal de Oerkracht van goedheid en genade.

Genade

Aan de christenen van Efeze schrijft Paulus: ‘Dank zij je geloof word je gered, maar wel door de genade van Jezus Christus.’ (Efeziërs 2, 8a) Inderdaad: ons geloof is de voorwaarde om door God genade te kunnen ontvangen. Het is niet zo dat we recht hebben op Gods genade. Wij zijn niet in de positie om dat te claimen. We ontvangen de genade omdat God ze ons gunt. 

We hoeven dus niet in diepe angst te leven wanneer we met goede bedoelingen in het leven staan. Een smetteloos parcours zullen we niet afleggen: we zijn immers mensen. Dat weet God in zijn oneindige Wijsheid. Als Gods genade van onze daden afhing, dan zou niemand redding vinden. (Psalm 130, 3-4 en 7) Dat wil niet zeggen dat we onszelf zomaar kunnen goedpraten. Het houdt vooral de waarschuwing in dat we niet in de positie om anderen te veroordelen. Zo streng als we voor anderen zijn, zo streng zal God voor ons zijn. (Matteüs 7, 1-2)

In vrijheid

De genade ‘is een geschenk van God.’ (Efeziërs 2, 8b) God is mateloos kwistig met zijn Liefde, veel guller dan een mens ooit voor een medemens zal kunnen zijn. In Hem vinden we nieuwe hoop, als we in Hem geloven. God heeft de mens de vrijheid geschonken om te denken, te spreken en te handelen. Liefde kan je niet dwingen. Ook de Goddelijke Liefde werkt niet zo. Alleen wanneer de mens zich er voor openstelt, kan de ultieme wisselwerking tussen God en mens plaatsvinden.

In Christus is een nieuw Verbond gesloten dat hoop inhoudt voor de hele wereld. Voorheen was het verbond gesloten tussen God en zijn Volk. Er volgde een pijnlijke historiek, gekenmerkt door ontrouw en ondankbaarheid. God ontsluit in zijn Zoon de genade voor de hele wereld, voor alle mensen (in het Grieks ‘kosmos’: wereld). We mogen ‘wereld’ hier beschouwen als ‘Schepping’, maar tegelijk ook als plaats van grenzeloze vrijheid. 

Vrijheid is de voorwaarde tot liefde en dus ook het fundament van geloof. In vrijheid worden we geboren. Helaas wordt die vrijheid soms geknecht door politieke heersers. Maar ten diepste blijven we vrij. We zijn vrij om te kiezen voor God of niet. Die vrijheid is soms zwaar om te dragen, maar zonder haar is het geen leven hier op aarde. In geen geval zijn we marionetten van God. De Heer gunt ons het leven, en dat zal bestaan uit hoogten en laagten, en misschien kort duren, of misschien lang. Hij gunt ons ook zijn Liefde, maar dringt ze nooit op. Wanneer wij ons ervoor openstellen, geeft God ze ons als geschenk, vergezeld van een wenskaartje met 'Zomaar' erop. 

We mogen ons gelukkig prijzen, we hebben het getroffen. En dat mogen we vieren op Laetare-zondag. Een ogenblik van blijheid, van dankbaarheid, te midden van de spirituele zoektocht die de Veertigdagentijd is.

07 oktober 2022

De kracht van dankbaarheid (8-9 oktober 2022)

“Dankbaarheid is een bloemke dat in weinig hovekens bloeit.”, zo schreef priester-dichter Guido Gezelle in een ver verleden, in een tijd waarin poëzie nog moest opboksen tegen het nuchter boerenverstand en verder niets. De slogan heeft sindsdien veel schouwen versierd, op een tegeltje gedrukt en netjes ingekaderd. 

Dankbaarheid is nooit vanzelfsprekend geweest, in tegenstelling tot vragen en krijgen. Het wordt wel nog steeds met veel vertoon aangeleerd. Je ziet het overal waar een kind een geschenk krijgt. Ouders staan meteen in gereedheid: “En wat zeg je dan?” De kindergezichten die daarna volgen, zijn vaak wonderlijk. Al die priemende blikken, en de strenge stilte in afwachting van het gewenste antwoord. Misschien leren we dankbaarheid iets te dwangmatig aan, zonder uit te leggen wat de diepe waarde ervan is…

Geschenken

Dankbaarheid is de bevestiging van een geschenk. Pas dan is de gave voltrokken. Het geschenk wordt aangenomen met de uitdrukking van dankbaarheid. Niet de inhoud van het cadeau is de aanleiding tot dankbaarheid, maar de gave zelf. Daarom pakken we geschenken ook onherkenbaar in. Het feit dat iemand een geschenk speciaal voor jou heeft uitgezocht en jou dat gunt, is de aanleiding voor de dankbaarheid. Zo niet, zou je enkel bedanken in de mate dat het geschenk je bevalt.

Wanneer een geschenk herleid wordt tot een nuttige uitwisseling waarbij de waarde domineert, dan is het geen geschenk maar een transactie. Welk passend geschenk zou je dan kunnen geven op Moederdag of Vaderdag, als je uit een warm nest komt en je ouders je overal in hebben gesteund? Hoe bepaal je dan de prijs van het geschenk? Een geschenk is symbolisch van aard en dus ook van waarde. Een geschenk is een gave van affectie, of van liefde, of respect. Het is in se een gave van dankbaarheid.

Een geschenk is eigenlijk ten diepste immaterieel, al is er meestal materie bij betrokken. Alhoewel... Stel, je wil iets opschrijven, maar je vindt geen pen. Iemand leent je zijn of haar pen uit. Dan zeg je: “dank je wel”. Straks geef je de pen gewoon weer terug. Toch bedank je, en terecht: er werd je iets geschonken. Hopelijk doe je dat niet enkel uit vriendelijkheid. Dankbaarheid hoort immers welgemeend te zijn, geen schone schijn. Je bedankt niet voor de pen zelf, want die krijg je enkel te leen. Je bedankt de ander voor de hulp die geboden wordt. De ander is zo opmerkzaam om te zien dat je geen pen bij hebt en schiet je te hulp. Naast die hulp is ook het geschonken vertrouwen is een reden voor dankbaarheid. De ander vertrouwt je iets van zichzelf toe.

Genade

Wanneer God ons iets schenkt, noemen we dat genade. Zijn genade wordt ons gratuit geschonken, uit goedheid, waar God grenzeloos in is.

Ook Jezus’ genezing van de tien melaatsen is een daad van genade. Hij hoeft dat helemaal niet te doen. Het is hun gegund. Ze vragen Jezus in hun ellende om zijn ontferming. Jezus verhoort hun gebed en vraagt dat ze zich aan de priesters laten zien. Onderweg worden ze gereinigd. Genezen komen ze aan bij de priesters, die hen anders niet hadden ontvangen omdat ze onrein waren.

Samaritaan

Daarna gebeurt iets merkwaardigs. Eén van de genezen mensen komt terug. Het is een Samaritaan, een vreemdeling. De anderen hebben de moeite niet gedaan om Hem te komen bedanken. Jezus vraagt hun strikt genomen ook niet om terug te komen, maar het lijkt Hem wel vanzelfsprekend en passend. De statistiek blijft teleurstellend: 10 procent toont Hem dankbaarheid. Guido Gezelle heeft zich misschien op deze cijfers gebaseerd voor zijn boutade.

De Samaritaan wordt omwille van zijn dankbaarheid niet alleen lichamelijk rein: ook zijn ziel wordt rein. Omwille van zijn geloof ontvangt hij een bijkomende zegen: Hem wordt het rijk Gods gegund. De anderen, die teveel op zichzelf gericht zijn en te weinig op Gods genade, worden niet gered. Hun genezing wordt weliswaar niet ongedaan gemaakt. Genade is een geschenk, en een geschenk neemt ook God niet terug.

De Samaritaan geeft heel uitdrukkelijk vorm aan zijn dankbaarheid: hij werpt zich voor Jezus’ voeten. Hij brengt Jezus eer en dankt Hem. Daarop wordt de man gezonden: “Sta op en ga.” Met de zegen van de Heer mag hij zijn weg verderzetten, gered omwille van zijn dankbaar geloof.

Inspiratie

De dankbaarheid van de Samaritaan mag ons inspireren om ons geloof te verdiepen. Ook wij zijn op weg, gezonden door de Heer. We kunnen onze dankbaarheid aan God kenbaar maken in ons gebed en tijdens de liturgie. Geloven in God vraagt van ons dat we Hem loven en danken om wie Hij voor ons is: “Ik ben er” (Exodus 3, 14). Hij is onze Schepper en Bevrijder en heeft zijn Zoon naar de wereld gezonden om de Boodschap te verkondigen. Zijn Geest inspireert ons elke dag opnieuw.

In de eucharistie bezingen we in het Eer aan God (Gloria) al heel vroeg in de tekst de opgewekte vormen van gebed: loven, prijzen, aanbidden, verheerlijken en dankzeggen. Persoonlijk vind ik de dankzegging het mooiste gebed.