Welkom op de blog "Geloof en Spiritualiteit".
Neem zeker eens een kijkje in het blogarchief!

Dit is de komende tekst:
- Heerlijk... (14 en 17 mei 2026).

05 mei 2026

Hulp gevraagd (9-10 mei 2026)

De leerlingen beleven een bijzondere tijd samen met Jezus, die ze vol overtuiging volgen. Hij zuivert hun geloof en hun leven van allerlei menselijke ingrepen. De Vader in de hemel: Hém moeten ze aanbidden en verheerlijken. Zijn Rijk van vrede: dààr moeten ze aan bouwen, hier op aarde al. Ze leven in een heerlijk nu-moment, maar beseffen niet dat het slechts een aanloop is naar het Nieuwe Verbond, en dat ze een heel andere rol toebedeeld zullen krijgen. In deze Paastijd mogen we mijmeren over onze diepe verbinding met de Onzichtbare. Dit gegeven maakt immers deel uit van ons geloof.

  • Voor de lezingen van de zesde zondag van Pasen A: klik hier.

In tegenstelling tot wat we spontaan zouden verwachten, gaat Jezus' komst gepaard met veel onrust. Denk maar aan Maria, die schrikt wanneer de engel haar bezoekt. Haar geplande leven wordt helemaal overhoop gehaald. Denk aan Jozef, die twijfelt of hij bij zijn verloofde kan blijven. Herodes' bedoelingen zijn al helemaal onrustwekkend. 

Ook wanneer Jezus zijn leerlingen gaat verlaten om terug naar zijn Vader te keren, gaat dit met veel onrust gepaard. Het zal een zware uitdaging worden voor de leerlingen om het verkondigingswerk in zijn Naam verder te zetten zonder Hem aan hun zijde. God neemt de onrust niet weg. Hij gaat midden in die onrust staan met zijn Aanwezigheid.

Pleitbezorger

Ze zullen niet langer op Jezus kunnen terugvallen voor wijsheid en parabels. Maar Jezus vertrekt niet zomaar. Hij zal de Vader vragen om een andere Pleitbezorger te zenden, die altijd bij hen zal zijn. (Johannes 14, 16) De leerlingen worden niet in de steek gelaten. Ze hebben het unieke voorrecht gehad om God in Jezus tastbaar nabij te mogen ervaren, iedere dag. Welnu, God zal aanwezig blijven, maar op een heel nieuwe manier.

De heilige Geest zal over de leerlingen komen en hen bijstaan in alles wat ze doen. De Geest wordt niet zomaar aan de hele wereld geschonken: wie niet in Hem gelooft, kan Hem niet zien en kent Hem niet. De leerlingen kennen Hem wel. Zo zal de Geest bij hen blijven. Sterker nog: Hij zal in hen verblijven. (Johannes 14, 17bcd) Dit is heel intiem.

Kracht en Aanwezigheid

Pinksteren nadert stilaan aan het eind van deze Paastijd. De dood en verrijzenis van Jezus Christus is geen sluitstuk van de verkondiging, maar de voorzegde overgang naar een nieuwe tijd. Jezus laat zijn leerlingen niet als wezen achter: niet in deze overgang en ook niet nadien. (Johannes 14, 18a) Hij blijft hen bijstaan in de merkwaardige (en hachelijke) tijd van de stichting van de Kerk.

Ze worden niet aan hun lot overgelaten op dit cruciale moment. God stuurt hulp aan de leerlingen: 'De Helper, de heilige Geest die de Vader in mijn Naam zal zenden, Hij zal jullie alles leren en jullie alles in herinnering brengen wat Ik jullie gezegd heb.' (Johannes 14, 26) Zodoende zullen zij met de Kracht van God bouwen aan een uitgestrekte gemeenschap van volgelingen van Jezus. Ze kunnen Gods hulp goed gebruiken.

Niet om te houden 

De Geest van God is geen bezit. Gods Geest daalt neer over de leerlingen, maar zij zullen die Geest op hun beurt over nieuwe volgelingen laten komen langs hun gebed en langs het doopsel. Philippus schenkt de Geest aan wie tot geloof komt en zich laat dopen, zo lezen we. (Handelingen 8, 17) God is geen bezit, maar een Kracht die we mogen delen met al wie voor Hem openstaat.

De Geest maakt een essentieel deel uit van de bekering tot God. Zonder de Geest kunnen wij, volgelingen van Jezus, niet geloven. Hij brengt ons de blijde Boodschap in herinnering. Het is de Geest van God die ons bij het Verhaal houdt dat God met mensen schrijft. Het is de heilige Geest die ons begeestert om te blijven bouwen aan het Rijk van God.

Geen mensen verafgoden

De Geest is tegelijk een essentiële barricade tegen het in bezit nemen van God en geloof. Dat is immers een risico bij mensen. Mensen hebben algauw de neiging om zich de Boodschap toe te eigenen als bezit, als machtsinstrument. Dat kan niet de bedoeling zijn. De farizeeën deden dit met veel spektakel en zelfingenomenheid, en dat blijft ook nu een gevaar. 

De geloofswijsheid komt van God, niet van de mens. Een mens kan maar beter zuinig zijn met de bewering dat hij of zij spreekt vanuit de Geest. Wanneer dat niet klopt, heeft hij of zij immers een enorme blunder begaan. Tegenover God zelf nog wel. Let wel: het is zeker mogelijk dat Gods Geest ons inzicht geeft. 

Mensen moeten zich niet laten vereren. Dat vernemen we trouwens als van Paulus, die na een wonder voor Hermes werd aanzien. 'Wij zijn mensen, net als jullie,' reageert Paulus geschokt. (Handelingen 14, 15b) Ons geloof is geen mensencultus. We bekeren ons tot de levende God, die de hemel en de aarde en de zee heeft geschapen en alles wat daar leeft. (Handelingen 14, 15cd) Daar gaat ons geloof ten diepste over: God en zijn heilsplan met ons.