Palmzondag is een zonevreemd element aan het einde van de Veertigdagentijd. Er wordt vrolijk gezongen, de Heer wordt lof gebracht, terwijl de Veertigdagentijd juist zo getypeerd wordt door stilte en ingetogenheid en bezinning. De vreugde van Palmzondag is echter niet zorgeloos. Met Palmzondag vieren we tegelijk ook Passiezondag. De blijde intocht van Jezus in Jeruzalem gaat gepaard met het herdenken van Jezus' lijden. We horen twee evangelieteksten.
- Voor de lezingen van Palm- en Passiezondag A: klik hier.
De climax van de Veertigdagentijd is ingezet. Na een periode van bezinnen, bidden en overwegen, van stilstaan bij geloofsonderwerpen en aandacht voor naastenliefde, gaat de liturgie in een rechte lijn vooruit: de Goede Week. Het is een week van hoogten en laagten, een polemiek die meteen al op Palmzondag voelbaar is. Jezus verkondigt de blijde Boodschap en krijgt steeds meer gehoor, maar zijn woorden wekken ook grote woede op.
Liturgische fusie
Palm- en Passiezondag is een soort liturgische fusie van twee zondagen uit de tridentijnse liturgie. De week vóór Palmzondag werd het lijden van Christus eerst herdacht op Passiezondag. De lezingen en gezangen stonden in het teken van pijn en lijden, van onrecht en kwaad. In een wat onhandige vertaling van psalm 129 - uit het Hebreeuws, langs het Grieks naar het Latijn - werd vlak voor het evangelie in het 'Tractus' zelfs gezongen dat 'de rechtvaardige Heer de zondaars de nek heeft overgesneden'. In onze huidige vertaling hebben we het over 'de Heer die de riemen van de ploegers doorsnijdt'.
Het lijden was op Passiezondag aan alles voelbaar. De heiligenbeelden en kruisbeelden werden gesluierd: ze werden met paarse doeken bedekt tot na Goede Vrijdag, om de menselijkheid van de lijdende Jezus te beklemtonen en de 'verborgenheid' van zijn goddelijkheid. De Passiezondagviering was opgebouwd rond de Schriftgeleerden, de farizeeën en de menigte die Jezus met de dood bedreigen, wat een roep om rechtvaardigheid deed opwellen al vanaf de intredezang: 'Judica me', of: verschaf mij recht. (Psalm 43) Jezus heeft geleden en heeft met het kruis ook de zonden van de mensheid gedragen. Tegen de zondigheid en de heidenen richten zich de liturgische pijlen van de klassieke Passiezondag. Het is mooi in zijn eenvoud, maar de nuance ontbreekt.
Vreugde en verdriet
In onze huidige liturgie is gekozen om het lijden en de verheerlijking samen te vieren. Het lijdensverhaal is het 'lang' evangelie, maar bij de intrede wordt de intocht van Jezus in Jeruzalem voorgelezen. Hij wordt vorstelijk onthaald maar gaat zijn kruisdood tegemoet. Die polemiek typeert onze Palmzondag: bescheiden blijheid en verdriet. Er klinkt zowel 'Hosanna in den hoge' (Matteüs 21, 9) als 'Aan het kruis met Hem!' (Matteüs 27, 22-23)
Zo is het lijden van Jezus geen geïsoleerd thema, maar hangt het samen met het gegeven dat Hij volgelingen had en dat zijn Boodschap niet door iedereen werd verguisd. Dat is immers ook de teneur in de evangelieverhalen in de aanloop naar het lijden: geloof en verwerping, groeiende bewondering en toenemende woede. Die polemiek hoort bij Palmzondag. De spanning stijgt: de leerlingen komen steeds dichter bij hun Redder en de tegenstanders smeden plannen om Hem te doden.
Met Hem
Het is die spanning die de toon zet voor de Goede Week. En dit is, ondanks de sterke dramatiek, geen 'slechte' week: de uitkomst zal vreugde zijn. Dat vieren we met Palm- en Passiezondag: dat we Jezus mogen verwelkomen als onze heilige Koning, dat we Hem enthousiast en vol verwondering mogen toejuichen. (Matteüs 21, 9-11) Tegelijk worden we uitgenodigd om zijn weg van de droefheid, van pijn en leed mee te gaan, zijn kruisweg.
We hoeven ons de mond niet te laten snoeren. Laat de uitbundige vreugde om ons geloof maar klinken. En in het blije 'hosanna' zelf zit trouwens al een laag van droefheid. Wellicht riepen gevangenen dit oorspronkelijk: "O, red mij toch!" Een roep om genade is doorheen de tijd uitgegroeid tot een uitroep van vreugde en bevrijding. De beide lagen komen terug in de roep van de mensen die Jezus 'Hosanna!' scanderen: ze juichen om Hem, maar vragen hun Messias tegelijk om redding.
Een processie van mensen brengt hulde aan de Messias: "Gezegend is Hij die komt in de naam van de Heer! Gezegend is het komende koninkrijk van onze vader David! Hosanna in de hoogste hemel!" (Marcus 11, 9b-10) Deze vreugde voor de ogen van de farizeeën is een triomf, (Johannes 12, 19) maar enkele dagen later zal de wrok en de haat even luid schreeuwen: ziedaar de polemiek van de Passie.
In de musical 'Jesus Christ Superstar' (geschreven door Tim Rice en op toon gezet door Andrew Lloyd Webber in 1973) komt deze dubbelheid duidelijk aan bod bij de intrede in Jeruzalem. De vreugde weerklinkt in het creatief spel met het woord 'hosanna' en in de bijna extatische menigte, maar de reactie van de gedegouteerde farizeeën, die vanop de stellingen van de bijna afgewerkte tempel op Jezus neerkijken, is heel duidelijk. Een merkwaardige passage is de vraag van de menigte of Jezus voor hen wil sterven, met een kort stilstaand beeld. Voor het fragment: klik hier.
Een gezegende Palm- en Passiezondag!
.jpg)
.jpg)