Op Allerheiligen vieren we feest: alle heiligen, alle voorbeeldfiguren van het christelijk geloof worden dan op één dag samen gevierd. Doorheen het jaar zijn er gedachtenissen en feesten van heiligen, maar 1 november is dé dag bij uitstek om de traditie van geloofsdragers te vieren. Heiligen worden vereerd en bewonderd. Soms krijgen ze in de persoonlijke beleving een bijzonder belangrijke rol. Uiteraard is elke heilige een verwijzing naar Jezus Christus, de Heer, die voor ons geleden heeft, gestorven is en verrezen. Laten we ook dat op deze feestelijke dag indachtig zijn.
- Voor de lezingen van Allerheiligen: klik hier.
Voorbeelden
In het leven hebben we nood aan helden, aan krachtige voorbeeldfiguren naar wie we opkijken, aan wie we ons kunnen spiegelen en die ons inspireren. Ze geven ons de kracht om in ons eigen kleine leven grootse dingen na te streven. Heiligen zijn voor ons, christenen, een inspiratie om ons geloof heel diep en heel concreet tegelijk te beleven in ons dagelijkse mensenbestaan. Het lijkt soms onmogelijk om te leven zoals God het van ons verlangt, maar de heiligen maken ons duidelijk dat het wél kan, dat het een kwestie is van doén en van de juiste keuzes te maken.
Ook buiten de Kerk zijn er voorbeeldfiguren waar mensen naar opkijken. Vol bewondering kijken mensen op naar actiehelden in films. Ze kleden zich zoals zangers en zangeressen. Kinderen krijgen al idolen voorgeschoteld op heel jonge leeftijd. Op allerlei spullen worden deze figuren afgebeeld: dekbedovertrekken, t-shirts en kleedjes, rugzakken, kopjes en bordjes, noem maar op. Kinderen hebben nieuwe 'heiligen' die strijden voor rechtvaardigheid door boeven en schurken te vangen. Er gaat veel geld om in de heldenindustrie. In onze Kerk zou dat laatste alleszins bijzaak moeten zijn.
Voorbeeldig zijn
We kunnen ons leven betekenisvol invullen door helden na te volgen in hun goedheid. God kunnen we eren door het geloof en de daadkracht van heiligen na te streven. Er schuilt echter een gevaar in dat nabootsen. Mensen krijgen wel eens de neiging om tot in erg dramatische vormen te overdrijven in het imiteren van voorbeelden. Het mag geen dweperij worden. Christen zijn is geen kwestie van wedijver tegen elkaar. Het heeft ook niets van doen met beloningsdrang.
Geloven doe je niet volgens een puntensysteem. Die indruk is indertijd wel gegeven, met name tijdens en na de Middeleeuwen. Toen groeide er een soort geestelijk betaalmiddel: aflaten. Daarmee kon men de hemel verdienen. Nee, zo werkt het absoluut niet. Geloven doe je van ganser harte, uit dankbaarheid voor God, onze Heer, onze Schepper en Bevrijder. Dat kan zeker langs de navolging van heiligen die ons zijn voorgegaan.
Zo bijvoorbeeld
Hoe wij voorbeeldig kunnen handelen, vertelt Jezus op een berg, wat dichter bij zijn hemelse Vader. (Matteüs 5, 2-11) Wie nederig van hart is, wordt daar niet altijd vorstelijk voor beloond door de mensen, integendeel. Toch is dat in de ogen van God zoveel méér waard dan het neerbuigende gedoe van roeptoeters die zichzelf alle lof toezeggen.
Wie treurt om een geliefde, wie leeft met een groot gemis, is dichter bij Gods troost dan wie zuur en hardvochtig is. Wie treurt omdat de mensen hem of haar niet willen begrijpen, zal begrip vinden bij de Heer. Gods Boodschap gaat niet over hardheid en kilte maar over warmhartige goedheid en oprechte naastenliefde.
Aan wie zachtmoedig is, behoort de schepping toe. Zij zijn de ware bezitters van de aarde. God vertrouwt hun de schepping te leen toe, en niet aan de gulzige slokoppen die nooit genoeg hebben en prat gaan op macht en bezit ten koste van anderen. Zij denken veel te bezitten, maar hun bezit is op een illusie gebouwd. Bezit is immers slechts tijdelijk, zo vergankelijk als het aardse bestaan zelf. Wie de zachtheid bezit, is rijk in Gods ogen.
Wie hongerig en dorstig hunkert naar gerechtigheid, die zal haar vinden in overvloed. Misschien niet hier op aarde tijdens dat hartstochtelijk streven ernaar, maar zeker als beloning van de Heer. Degenen die ongelijkheid moedwillig in stand houden en vanuit hun ivoren toren van rijkdom en zelfzucht leven komt dat geschenk niet toe. Zij hebben zichzelf al voldoende bediend.
Barmhartige mensen die handelen vanuit hun gelovig hart zullen barmhartigheid ervaren. Wie zelfgenoegzaam is, die zal de hardheid die er eigen aan is zelf ook ontmoeten. Op jezelf alleen kan je niet bouwen. Een mens is zo zwak als hij sterk kan zijn. De gulheid in vergeving wordt door God gul beantwoord.
Wie zuiver van hart is, zal God zien, van aanschijn tot Aanschijn. Dat os het mooiste van alle geschenken voor wie in God gelooft. Wie heeft geleefd vanuit oneerlijkheid en bedrog zal in het ongewisse blijven. Zuiverheid en onzuiverheid spiegelen zich. Waarheid komt toe aan wie waarheid nastreeft in het leven.
De vredestichters komt het toe om kinderen van God te worden. In vrede is de Heer Jezus gekomen en vrede laat Hij ons na wanneer Hij terug naar zijn Vader vertrekt. (Johannes 14, 27) Je kunt geen christen zijn en de vrede niet liefhebben. Wie vrede in zijn hart draagt, heeft God lief. Wie macht en eigenbelang vooropstelt, die heeft al genoeg aan zichzelf.
Wie ten onrechte vervolgd wordt, bespot of valselijk beschuldigd, die hoeft zich niet te schamen en hoeft zich niet te verstoppen. Het verdriet om het leed dat hen wordt aangedaan kan groot zijn, alsook de teleurstelling in de bekrompenheid en kwaadwilligheid van anderen, maar God laat hen niet in de steek. Sterker nog: zijn Rijk is voor hén bedoeld.
Voorbeeldig handelen als christen betekent niet dat je ervoor wordt beloond door je omgeving. Daar mag je dus niet van uit gaan. De wereld is soms hoogst oneerlijk. Soms is de beloning hemels. Dat maakt het niet altijd makkelijk om vol te houden. En daarom zegt Jezus het ook zo uitdrukkelijk, daar op de berg: veronderstel geen bevestiging van de wereld. Hopelijk ervaar je steun van medegelovigen. En de belangrijkste bevestiging, die komt van God.
Allerzielen (2 november):