Welkom op de blog "Geloof en Spiritualiteit".
Neem zeker eens een kijkje in het blogarchief!

Dit is de komende tekst:
- Een voorloper van de hitparade (24-25 oktober 2026).

14 oktober 2026

Een ander soort revolutie (17-18 oktober 2026)

Hoe kijken wij naar Jezus? Welk beeld hebben wij van Hem? Doorheen de tijd is dat beeld vaak anders ingevuld. We horen de Heer zeggen dat we aan de keizer moeten geven wat de keizer toekomt, en aan God wat aan God toekomt. In dit fragment willen de farizeeën Jezus vangen op een uitspraak door de spanning van de tijd op scherp te zetten. En daardoor is Jezus' antwoord ook inspirerend voor elk van ons, voor hoe we naar de Heer kijken en hoe we ons geloof invullen.
Van macht naar revolutie
Na een tijd van Jezus als de grote Koning en Overwinnaar, ontstond er in de revolutionaire jaren '60 een totaal nieuw beeld van Jezus. Meer en meer hippies raakten teleurgesteld in de psychedelische afleiding langs drugs en hunkerden naar een diepere vorm van zingeving. Jezus werd 'de eerste, ware hippie' die, op sandalen en met lange haren, een radicale omwenteling aankondigde van universele liefde en vrede, ver weg van de burgerlijke hypocrisie gestoeld op bezit en macht.

Dat uiterst menselijke beeld van Jezus als de politieke en sociale revolutionair kreeg nog verder vorm in de jaren '70, langs de musical 'Jesus Christ Superstar' en zeker ook via de bevrijdingstheologie, waar Jezus' boodschap werd gelezen als een roep tot revolutionaire bevrijding uit de klauwen van politieke en economische overheersers. 
Linkse transformatie
In één generatie was Jezus getransformeerd van een statische en conventionele bewaarder van de dogma's naar een radicale religieuze leider die stond voor maatschappijkritiek, vrede en rebellie. Ook in het vrome Vlaanderen gebeurde deze transformatie, zij het dan iets minder uitbundig dan in de Verenigde Staten uiteraard. Er groeide een beweging die, geïnspireerd door Jezus' Boodschap, aandacht eiste voor meer sociale rechtvaardigheid en rechten voor arbeiders en voor de zwaksten in onze samenleving. De acties Broederlijk Delen en Welzijnszorg ontstonden in die periode. Het Tweede Vaticaans Concilie heeft daar zeker ook zaadjes voor geplant.

Die 'linkse' beweging binnen de Kerk is niet meer zo sterk georganiseerd dan in de revolutiejaren. Wellicht is een deel van de militante christenen teleurgesteld geraakt omdat hun activisme niet het verhoopte resultaat opleverde. Een deel is ook mee geëvolueerd in de secularisatie. Het is alleszins een boeiende periode geweest die het beeld van Christus genuanceerd heeft, weg van het glorieuze en wereldvreemde triomfalisme.
Denarie
'Mijn koningschap is niet van deze wereld', zegt Jezus tegen Pilatus. (Johannes 18, 36) We zouden die uitspraak kunnen interpreteren als een onderscheid tussen hemel en aarde. Het koningschap van Christus beklemtoont inderdaad zijn hemelse zijde. Is Christus' Boodschap sinds zijn hemelvaart enkel nog hemels dan?

In het gesprek met de farizeeën lijkt Jezus ook deze indruk te geven. Ze stellen Jezus op de proef door Hem te laten kiezen tussen de keizer en God. Ze willen Hem in de val lokken.(Matteüs 22, 15) Dit is hun vraag: 'Is het toegestaan de keizer belasting te betalen of niet?' (Matteüs 22, 17) Als Jezus zich tegen de keizer uitspreekt, dan kunnen ze Hem uitleveren aan de Romeinse overheerser. Als Hij zich tegen God uitspreekt, dan is Hij al zijn gezag kwijt en kunnen de hogepriesters Hem veroordelen.

Uit Jezus' antwoord worden we in onze zoektocht niet meteen wijzer. Hij zegt: 'Geef dan wat van de keizer is aan de keizer, en geef aan God wat God toebehoort.' (Matteüs 22, 21b) Je zou uit zijn antwoord kunnen afleiden dat de keizer van de wereld is en God van de hemel. Dat is echter niet wat er staat. Jezus zegt absoluut niét dat God niets heeft met ons aardse leven.
Hier en nu
Hij maakt vooral een onderscheid tussen een aardse levensstijl die op ego, macht en bezit is geijkt enerzijds en anderzijds een gelovige visie die op Gods Liefdesgeboden is gericht, een evangeliefragment dat we volgende week trouwens zullen horen. (Matteüs 22, 37) Om die reden zegt Jezus trouwens tegen de rijke jongeling dat hij zijn geld en bezit zal moeten achterlaten en uitdelen aan de armen om de Heer te kunnen volgen. (Matteüs 19, 16-22) Wie meer belang hecht aan geld dan aan genade, staat niet open voor Gods Rijk. 

Dat is behoorlijk revolutionair te noemen. De revolutie heeft met Liefde te maken. Het Rijk Gods groeit dus al hier op aarde, het gebeurt al midden onder ons. (Lucas 17, 21) Laten de keizer en zijn gezanten zich maar met hun boekhouding bezighouden, dat heeft niets te maken met Gods Boodschap. 
Een andere revolutie
In die zin is Jezus dus geen aardse revolutionair. Hij roept niet op om het establishment omver te gooien. De maatschappelijk-revolutionaire christenen hebben wellicht iets teveel van hun eigen wensen en verlangens in de theologie gegoten. Maar het beeld van een wereldvreemde en ongenaakbare Christus op zijn troon biedt evenmin een volwaardig beeld van Jezus. 

Zijn visie in wel degelijk revolutionair, gericht op geloof en genade, op overgave en naastenliefde. Zoals vaak ligt de waarheid ergens in het midden. De revolutie van Jezus is ook onze opdracht: een transitie van hebben en houden naar delen en liefhebben. De Heer vraagt veel van ons: een innerlijke revolutie die zich in daden veruitwendigt.